In Ronda op de Plaza del Socorro staat het imposante standbeeld van Hercules met zijn twee leeuwen, het trotse held van Andalusië die hier eeuwig over de stad waakt. De boog die twee zuilen verbindt, draagt het opschrift “Dominator Hercules Fundator” eronder staat "Andalucía por sí para España y la humanidad".
Het embleem vindt zijn oorsprong in een overeenkomst die in 1918 werd gesloten door de pro-autonomistische Assemblee van Ronda en is ontworpen door Blas Infante. Hij wordt gezien als de vader van het Andalusische nationalisme vanwege zijn inzet voor de culturele en politieke belangen van de regio. Zijn leven en werk hebben tot op de dag van vandaag een invloed op de identiteit van Andalusiërs. Op 11 augustus 1936 werd Blas Infante op de weg van Sevilla naar Carmona geëxecuteerd door aanhangers van Franco. Hij had acht dagen in gevangenschap doorgebracht.
Ronda ligt ongeveer vijftig kilometer landinwaarts van de Costa del Sol, in het bergachtige hart van Andalusië. De rivier Guadalevín doorsnijdt het stadje met een indrukwekkende kloof, de Tajo de Ronda, en verdeelt het zo in twee delen. De meeste toeristen associëren de stad met een mooi historische centrum, wijdse uitzichten en naast de Parador de Puente Nuevo (“nieuwe brug”) , de indrukwekkende brug van 120 meter hoogte die in 1751 werd gebouwd. De Baños Arabes, de Casa Del Rey Moro (18de eeuw) en de Iglesia de Santa Maria la Mayor maken deel uit van het prachtige hisorische erfgoed.
Oorspronkelijk was Ronda een Keltische nederzetting, waarna ook Feniciërs en Grieken zich er vestigden. In de Romeinse tijd, toen de stad bekendstond als Arunda, kende zij een bloeiende handelsperiode. Tijdens de Moorse overheersing groeide Ronda uit tot hoofdstad van de provincie Andalusië de Takurunna, en later tot centrum van het zelfstandige Taifa Ronda. Het merendeel van de belangrijkste historische bouwwerken dateert uit deze periode.
Vanop de Puente Viejo heeft men een prachtig zicht op de Puente Romano of Puente Arabe, de oudste stenen brug van de drie bruggen die de Tajo de Ronda met de Guadalevín overspant. Daarachter liggen de uitstekend bewaarde Baños Arabes, de Arabische thermen die men in vele historische steden van Spanje zo vaak tegenkomt. De brug ligt buiten de stadsomwalling van de Ronda en ligt wat lager dan de Puente Viejo. De Puente Romano is eigenlijk een Moorse brug, gebouwd op de fundamenten van een oude Romeinse brug. Toen in de loop van de 16de eeuw de nieuwe wijk Mercadillo (markt) aan de oostkant van de kloof een betere verbinding vereiste met de oude stad aan de westkant, verloor de Puente Romano haar belang.
Datzelfde lot trof ook Acinipo, waarvan de verlaten ruïnes zo’n twintig kilometer verderop liggen. De naam van de stad komt voor in geschriften van onder anderen Claudius Ptolemaeus (Geographia II, 4, 15) en Plinius de Oudere (Naturalis Historia III, 14). Historici zijn het erover eens dat Acinipo na de Slag bij Munda in 45 v.Chr. werd gesticht als nederzetting voor afgezwaaide soldaten uit de legioenen van Caesar. De stad werd gebouwd op een steile heuvel en had daardoor een strategisch uitzicht over de wijde omgeving. Resten van de omwalling zijn vandaag de dag nog zichtbaar. Hoewel Acinipo ook wel Ronda la Vieja wordt genoemd, bestonden Acinipo en Arunda eeuwenlang naast elkaar.
Bezoekers kunnen er nog de fundamenten van een domus en de thermen bezichtigen, maar vooral de ruïne van het antieke theater maakt indruk. Dit theater, dat aan het einde van de eerste eeuw na Christus werd gebouwd, maakt optimaal gebruik van de helling: de zitplaatsen zijn rechtstreeks in de rots uitgehouwen. In de loop van de derde eeuw na Christus zette het verval in, en tegen de vierde eeuw had de stad haar regionale betekenis verloren. Het nabijgelegen Arunda had haar rol inmiddels overgenomen.