Het municipium Tungrorum

Gepubliceerd op 1 maart 2022 om 20:31

In 1993 verdedigde ik in mijn doctorale verhandeling 'De Tungri in het Imperium Romanum tijdens het Principaat' (p. 92 & 101-102) de these dat Atuatuca Tungrorum, zoals Tongeren toen werd genoemd, wellicht een municipaal statuut bezat. Ik deed dit onder meer op basis van het feit dat majestueuze wallen, die zelfs die van de Colonia Agrippinensis  (Keulen) overtroffen, de stad omringden.

Het toeval wil dat tot veler verrassing W. Vanvinckenroye (1937-1998), de leidinggevende archeoloog van de archeologische buitendienst van het toenmalige Provinciaal Gallo-Romeins Museum, in 1994 een Romeins wijaltaar publiceerde waarvan afgelopen weekend de stad Tongeren een replica onthulde (zie hier). De tekst van het altaar luidt als volgt :

 I(ovi) O(ptimo) M(aximo) / et Genio / Mun(icipii) Tung(r­orum) / Cat(ius?) Drousus / sal(arius, -inator, -samenta­rius) Men(apiorum) / v(otum) s(olvit) l(ibens) m(erito)

 Aan Iuppiter Optimus Maximus en de Genius van het munici­pium Tungrorum. Catius Drousus, zouthandelaar (uit de civitas) der Menapii heeft gaarne en terecht zijn gelofte ingelost.

Het altaar dateert vermoedelijk van de 2de helft van de 2de eeuw of misschien van het begin van de 3de eeuw. Het is van uitzonderlijk belang voor de geschiedenis van de civitas Tun­grorum en haar hoofdstad Atuatuca die in het opschrift Municipium Tungrorum wordt genoemd. De tekst bevestigt op die wijze het municipale statuut van Atuatuca Tungrorum waardoor Tongeren zich de eerste officiële en enige Romeinse stad van België noemt. 

De vondstomstandigheden zijn op zijn minst gezegd bizar. Ik citeer W. Vanvinckenroye hier even:

Op 28 mei 1990 werd in een tuin langs de Rodekruislaan te Tongeren (Sectie D, 211 p. 6) een Romeins wijaltaar gevonden. Het nog vrij intact monument werd bij het ploegen aangetroffen in de aangevulde tuingrond die herkomstig is uit de kelder van de ernaast gelegen woning. Het lag op 3 m van de straatrand op een diepte van 0,40 m, te samen met fragmenten van Romeinse tegulae....

Het is een wonder dat een dergelijk altaar zo ongeschonden graafwerken, egalisatiewerken en tenslotte ploegen heeft overleefd en dat niemand het tijdens die werken heeft opgemerkt.  Het is bovendien opmerkelijk dat het altaar van de ontdekking in 1990 tot de publicatie in 1994 onder de radar bleef. Het Provinciaal Gallo-Romeins Museum organiseerde bij voorbeeld in het najaar van 1991 een tentoonstelling 'Gallo-Romeinse vondsten in privébezit' in de Generale Bank van Tongeren. Tenslotte is het opmerkelijk dat dit bijzondere altaar toevallig in bezit kwam van de familie Vanvinckenroye. Na de publicatie werd onder wetenschappers een foto en tekening ervan verspreid op basis waarvan nog enkele wetenschappelijke artikelen verschenen.

Tot op de dag van vandaag is het altaar nog steeds in het bezit van de familie van W. Vanvinckenroye die als archeoloog van het Gallo-Romeins Museum vanuit deontologisch standpunt deze vondst aan de instelling, waaraan hij verbonden was, eerst had moeten signaleren en vervolgens had moeten overmaken. Bovendien heeft tot op de dag van vandaag bij ons weten niemand de kans gehad het altaar in detail te bestuderen. De enige plaats waar dit altaar na al die jaren thuishoort is het Gallo-Romeins Museum van Tongeren! 

 

W. VANVINCKENROYE, Een Romeins votiefaltaar te Tongeren, in: Limburg, 73, 1994, blz. 225-237 met afbeelding.

M.-Th. RAEPSAET-CHARLIER, Municipium Tungrorum, in: Latomus, 54, 1995, blz. 361-369

R. NOUWEN, Atuatuca Tungrorum. The First Known Municipium of Gallia Belgica?, in ZPE 115, 1997, blz. 278–280.


«